Wat als je het niet eens bent met de re-integratiecoach?

Als je het niet eens bent met je re-integratiecoach, heb je het recht om je bezwaren bespreekbaar te maken, een second opinion aan te vragen bij het UWV en in sommige gevallen van coach te wisselen. Je staat er dus niet machteloos voor. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over wat je kunt doen als een re-integratietraject niet loopt zoals jij verwacht.

Wat zijn je rechten als je het niet eens bent met je re-integratiecoach?

Als werknemer heb je het recht om actief mee te denken over je eigen re-integratietraject. Je mag bezwaar maken tegen adviezen die je onrealistisch of ongeschikt vindt, een second opinion aanvragen bij het UWV en vragen om aanpassing van het plan van aanpak. Je hebt geen recht op een specifieke coach, maar je hebt wel recht op een traject dat aansluit bij jouw mogelijkheden.

Re-integratie is een gedeelde verantwoordelijkheid. De werkgever is wettelijk verplicht om re-integratie-inspanningen te leveren, maar jij als werknemer bent ook verplicht om mee te werken aan redelijke voorstellen. Dat betekent niet dat je alles klakkeloos moet accepteren. Als een voorstel jouw belastbaarheid overschrijdt of niet aansluit bij wat de bedrijfsarts heeft vastgesteld, mag je dat aanvechten.

Belangrijk om te weten: de werkgever kiest in de meeste gevallen de re-integratiecoach of het bureau, niet het UWV. Het UWV beoordeelt achteraf, bij de WIA-aanvraag na 104 weken, of er voldoende re-integratie-inspanningen zijn geleverd. Tussentijds legt het UWV geen actieve verplichtingen op aan de werkgever over de invulling van het traject.

Hoe bespreek je je bezwaren met de re-integratiecoach?

De meest effectieve manier om bezwaren te bespreken is direct, concreet en op basis van feiten. Benoem wat je anders wilt en waarom, en verwijs daarbij naar wat de bedrijfsarts heeft vastgesteld over jouw benutbare mogelijkheden. Houd het gesprek zakelijk en documenteer wat er is besproken en afgesproken.

Een paar praktische stappen die helpen:

  • Vraag altijd om een schriftelijke bevestiging van afspraken en adviezen.
  • Verwijs naar het oordeel van de bedrijfsarts als basis voor wat wel en niet haalbaar is.
  • Geef aan wat je nodig hebt om constructief mee te werken, in plaats van alleen aan te geven wat je niet wilt.
  • Betrek je werkgever als de coach niet reageert op je bezwaren.

Een conflict vermijden begint bij open communicatie in een vroeg stadium. Hoe langer je wacht met het benoemen van je bezwaren, hoe groter de kans dat er een patstelling ontstaat die moeilijk te doorbreken is.

Wanneer is een second opinion bij het UWV zinvol?

Een second opinion bij het UWV is zinvol als je het fundamenteel oneens bent met het oordeel van de bedrijfsarts over jouw arbeidsgeschiktheid of belastbaarheid, en als dat oordeel de basis vormt voor het re-integratietraject. Je kunt bij het UWV een deskundigenoordeel aanvragen, waarbij een onafhankelijke verzekeringsarts jouw situatie beoordeelt.

Let op: een deskundigenoordeel gaat over de medische beoordeling van de bedrijfsarts, niet over de aanpak van de coach zelf. Als je het oneens bent met de werkwijze van de coach of de richting van het traject, los je dat niet op via het UWV. Daarvoor moet je in gesprek met je werkgever.

Een deskundigenoordeel kost geld en is niet vrijblijvend. Het UWV-oordeel is geen bindende uitspraak, maar het geeft wel een onafhankelijk referentiepunt dat je kunt gebruiken in gesprekken met je werkgever of bij een eventuele juridische procedure.

Wat als de coach je re-integratie ongeschikt of te snel vindt verlopen?

Als de coach oordeelt dat het traject te snel gaat of dat de voorgestelde werkzaamheden niet passen bij jouw belastbaarheid, moet dat oordeel worden meegenomen in het plan van aanpak. De bedrijfsarts stelt de benutbare mogelijkheden vast, en de coach en werkgever zijn verplicht om daarbinnen te blijven.

Soms ontstaat er een verschil van inzicht tussen de coach en de bedrijfsarts. In dat geval geldt het oordeel van de bedrijfsarts als leidend. Jij kunt als werknemer actief vragen om afstemming tussen beide partijen als je merkt dat hun adviezen niet met elkaar overeenkomen.

Rond week 46 tot 52 vindt de eerstejaarsevaluatie plaats. Op dat moment wordt beoordeeld of spoor 1, terugkeer naar de eigen of aangepaste functie bij de huidige werkgever, nog haalbaar is. Als dat niet het geval is, moet spoor 2 tijdig worden ingezet. Er is geen wettelijk minimumpercentage arbeidsgeschiktheid vereist voor spoor 2. Het gaat om de benutbare mogelijkheden die de bedrijfsarts heeft vastgesteld.

Kun je van re-integratiecoach wisselen?

Je hebt als werknemer geen wettelijk recht om zelf een andere re-integratiecoach te kiezen. De werkgever bepaalt in de meeste gevallen welk bureau of welke coach wordt ingezet. Je kunt wel bij je werkgever aangeven dat de samenwerking niet constructief verloopt en vragen om een andere begeleider.

Als je kunt aantonen dat de huidige coach jouw re-integratie belemmert in plaats van ondersteunt, heeft je werkgever er belang bij om te schakelen. Een mislukt traject kan namelijk leiden tot een loonsanctie van het UWV als achteraf blijkt dat de re-integratie-inspanningen onvoldoende waren. Die sanctie kan de loondoorbetalingsverplichting met maximaal 52 weken verlengen.

Hoe voorkom je conflicten tijdens een re-integratietraject?

Conflicten tijdens een re-integratietraject ontstaan vaak door onduidelijke verwachtingen, gebrekkige communicatie of het gevoel dat jouw situatie niet serieus wordt genomen. Vroeg ingrijpen en duidelijke afspraken maken zijn de beste manieren om escalatie te voorkomen.

Dit zijn de stappen die het meeste verschil maken:

  1. Zorg dat het plan van aanpak realistisch is. Controleer of de doelen aansluiten bij wat de bedrijfsarts heeft vastgesteld en teken alleen als je het ermee eens bent.
  2. Houd een eigen dossier bij. Noteer data, afspraken en uitkomsten van gesprekken. Dit is waardevol als er later een geschil ontstaat.
  3. Vraag regelmatig om evaluatiemomenten. Zo blijf je actief betrokken bij je eigen traject en kun je bijsturen voordat kleine irritaties grote problemen worden.
  4. Schakel tijdig een vertrouwenspersoon of arbeidsjurist in als je het gevoel hebt dat je rechten worden geschonden.
  5. Wees open over je grenzen. Geef aan wanneer iets te veel wordt, in plaats van te wachten tot je uitvalt.

Een goed re-integratietraject vraagt om samenwerking en wederzijds vertrouwen. Als dat vertrouwen ontbreekt, is het beter om dat vroeg te benoemen dan te hopen dat het vanzelf beter wordt.

Hoe UFIND helpt bij een vastgelopen re-integratietraject

Soms loopt een re-integratietraject vast, niet omdat de werknemer niet wil, maar omdat de begeleiding niet aansluit bij de persoon of de situatie. Wij geloven dat goede re-integratie begint bij een eerlijk en persoonlijk gesprek over wat iemand echt nodig heeft.

Bij UFIND werken we met maatwerkprogramma’s die aansluiten bij de unieke situatie van elke medewerker. Wat ons onderscheidt:

  • Eén vaste coach gedurende het hele traject, zodat je niet steeds opnieuw je verhaal hoeft te doen.
  • Begeleiding via de ACT-methodiek, gericht op het omzetten van belemmerende gedachten naar concrete stappen vooruit.
  • Ervaring met complexe situaties, ook als eerdere trajecten zijn vastgelopen of als de arbeidsmarkt uitdagend is.
  • Aandacht voor zowel de persoon als de arbeidsmarkt, dankzij onze achtergrond in re-integratie én recruitment.

Ben je op zoek naar begeleiding die echt bij je past? Lees meer over onze aanpak bij re-integratie spoor 2 of neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek.

Gerelateerde artikelen